Mens en zijn techniek gaan hand in hand

Bestralen is steeds meer finetunen

Bestraling om te genezen en het vak natuurkunde zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. In de natuurkunde draait alles om juistheid en wetenschappelijk zuiver. Bij het bestralen van een tumor is dit niet anders. De apparatuur moet precies bestralen en dat op een veilige en verantwoorde wijze. Het team Klinische Fysica, vijf vrouwen en vier mannen sterk, weet alles van natuurkunde en daarmee van de allernieuwste technieken. Het is aan hen om de bestralingsapparatuur en bijbehorende technieken veilig en verantwoord toe te passen. Dr. Mirko Unipan, klinisch fysicus radiotherapie, legt de verborgen complexiteit bloot die achter het bestralingsapparaat schuilgaat.

Snelheid

Voor de bestraling met het nieuwste protonentoestel geldt een complexe techniek. Mirko Unipan: “Protonen zijn positief geladen kerndeeltjes die versneld worden met een hoge snelheid, tot 60% van de lichtsnelheid, om vervolgens hard af te remmen en te stoppen in de tumor. Fotonen daarentegen (de klassieke manier van bestralen) gaan dwars door de patiënt heen. Voor het nieuwste toestel gebruiken we een supergeleidende magneet, gekoeld met vloeibaar helium om de deeltjes, de protonen dus, tot deze extreem hoge snelheid te versnellen; een ruimteschip dat even snel zou kunnen vliegen, kon de planeet Mars binnen een kwartier bereiken”.

Bij patiënten bij wie de tumor zich bij kwetsbare organen bevindt, is protonentherapie een uitkomst. “We kunnen dan heel treffend bestralen met minimale schade rondom de tumor en maximale schade aan de tumor. Zoals bij borst,- long-, hersen-, halskanker en lymfomen. Om aan alle veiligheidseisen te voldoen heeft de bestralingsapparatuur regelmatig onderhoud en updates nodig. Dat onderhoud plannen we in het weekend, soms ’s ook nachts, zodat we overdag zoveel mogelijk mensen kunnen helpen.”

Veilig

De bestraling moet accuraat gebeuren omdat de dosis straling op de millimeter nauwkeurig op het te bestralen gebied moet komen, daar waar de tumor ligt. En veilig. Na berekening van het bestralingsplan, moeten de klinisch fysicus en de radiotherapeut-oncoloog het plan eerst controleren en goedkeuren voor bestraling. Eerst wordt proef gedraaid, ter controle. Dan straalt het apparaat eerst het behandelplan af, zonder de patiënt. Tijdens dit proces wordt bijgehouden hoe de straling is afgegeven. Mirko: “Bij ons draait alles om de juiste bestralingsdosis op de juiste plek te krijgen. Als die correct is, komt de patiënt in beeld.”

Gepubliceerd in: Nummer1 Magazine – juli editie