Wel in aanmerking voor protonen

Volgens het LIPP komen neuropatiënten in aanmerking voor protonentherapie als de kans van 10-jaarsoverleving hoger is dan 50%. Deze gunstige prognose kan worden vastgesteld bij bijvoorbeeld:

  1. graad II-III oligodendroglioom met 1p/19q co-delete
  2. graad I astrocytoom met IDA-mutatie
  3. graad I glioom inclusief ependymoom
  4. germinoom/non-germinoom
  5. meningeoom
  6. benigne hersentumor, zoals craniopharyngeoom, adenoom, schwannoom
  7. andere niet nader omschreven (zeldzame) tumoren met dezelfde gunstige prognose

Eveneens moeten neuropatiënten voldoen aan onderstaande:

  • Een goede performance (ECOG score 0-1 / KPS 80-100)
  • Een goede neurocognitieve functie (grotendeels ADL en IADL onafhankelijk)
  • dosimetrische winst van protonentherapie op hersenweefsel, gedefinieerd als een gemiddelde dosis > 5% lager met protonentherapie t.a.v. de beste fotonentechniek op de hippocampus (totale volume van hippocampus) en/of de supratentoriële hersenen buiten het doelvolume (supratentoriële hersenen – CTV)
  • Informed consent van patiënt voor protonentherapie na consult met een radiotherapeut.

Niet in aanmerking voor protonen

Patiënten komen niet in aanmerking voor protonentherapie als ze een minder goede prognose hebben (< 50% voor 10 jaars-overleving). Dit betreft bijvoorbeeld:

  1. graad II astrocytomen zonder IDH mutatie
  2. graad III astrocytomen
  3. glioblastomen

Daarnaast zullen ook de volgende patiënten geen protonentherapie kunnen krijgen:

  • Suboptimale performance (ECOG score 2 of hoger / KPS 70 of lager)
  • Niet geschikt voor eventuele chemotherapie
  • Suboptimale neurocognitieve functie (d.w.z. op meerdere vlakken IADL hulpbehoevend)
  • Geen dosimetrische winst van protonentherapie op hersenweefsel: hogere dosis op hippocampus en andere relevante structuren (hersenstam, cochlea, hypofyse, structuren in de orbita) met protonentherapie en/of <5% winst op gemiddelde dosis hippocampus en de supratentoriële hersenen buiten het doelvolume (supratentoriële hersenen – CTV)
  • Bestralingsvolume waarbij een stereotactische techniek de voorkeur heeft
  • Meningeoom waarbij er alternatieve behandelopties zijn naast bestraling van een (zeer) groot volume

Toxiciteit

Voor het starten van de behandeling ondergaan alle neuro patiënten neurocognitieve testen. Deze worden afgenomen door speciaal gediplomeerde doktersassistenten. Op deze manier leggen we voorafgaand aan de behandeling het geheugen en het concentratievermogen van de patiënten vast. Tijdens de behandeling worden de patiënten wekelijks gezien door de behandelend radiotherapeut waarbij acute bijwerkingen gescoord worden. Tot op heden zijn deze vergelijkbaar gebleken met de bekende acute bijwerkingen van de fotonenbehandelingen zoals alopecia, waarbij er iets meer roodheid van de huid gezien wordt. De eventuele langetermijneffecten waaronder cognitieve achteruitgang worden na 6 maanden en daarna jaarlijks gescoord in Maastro. Daarnaast ontvangen patiënten PROMS-vragenlijsten. De tumorcontrole en eventuele vervolgbehandelingen vinden in de eigen regio van de patiënt plaats.

Conclusie

De verwijzingen van neuropatiënten verlopen zeer voorspoedig waarbij 100% van de gliomen een positief planvergelijk hebben. Andere met protonen behandelde diagnoses zijn: craniopharyngeoom (1) en meningeomen (2). Aan Van de positieve planvergelijken is de gemiddeld winst 36% in de gemiddelde supratentoriele hersendosis (Brainsup-CTV: Dmean) en 29% in de gemiddelde hippocampus dosis (HCbdz – CTV: Dmean). Van deze dosisreductie wordt verwacht dat dit een vermindering zal geven in de cognitieve achteruitgang, wat een bekende langetermijneffect is van bestraling van de hersenen. De komende jaren volgen we alle neuro protonenpatiënten nauwkeurig op (fotonen en protonen), waarbij landelijk (PROTRAIT) vastgestelde toxiciteit en variabelen gescoord worden.

Hoe gaat verwijzen in zijn werk?

Totdat ons verwijsportaal gebruiksklaar is, kan u patiënten verwijzen door een email te sturen naar protonenpv@maastro.nl., onder vermelding van het type tumor waarvoor u patient wil aanmelden en uw naam. Er wordt dan contact met u opgenomen om af te spreken hoe u de plannings CT met structuren en dosisverdeling via een beveiligde mail naar ons toe kan sturen. Uiteraard kan u voor verwijzingen of overleg ook naar Maastro te bellen (088 44 55 600), en vragen naar een arts om een protonen patiënt door te verwijzen.

Voor mammacarcinoom zal u hiervoor worden doorverbonden met de teamtelefoon van Team 2 of 3; voor longcarcinoom met de team telefoon van Team 3, en voor hoofdhalskanker en neurologische tumoren met de team telefoon van Team 4.

Er wordt naar gestreefd om het resultaat van het planvergelijk binnen 1 dag met u te bespreken, zodat u met patiënt kan bespreken of deze verwezen wil worden.

X